Meta heeft weer iets nieuws gelanceerd: Vibes. Een platform dat doet denken aan TikTok, maar dan volledig gevuld met AI-video’s. Geen echte mensen dus, maar algoritmes die filmpjes maken en delen. Het idee klinkt innovatief, maar roept tegelijk veel vragen op. Wat betekent dit voor jongeren die al uren per dag door socialmediafeeds scrollen? En hoe herken je straks nog wat écht en wat nep is?
Wat is Vibes precies?
Vibes is de nieuwste app van Meta, het moederbedrijf van Instagram en Facebook. De app laat gebruikers korte AI-video’s ontdekken, delen en zelfs genereren met een simpele prompt. Je typt bijvoorbeeld “een hond die danst op Mars”, en binnen enkele seconden verschijnt er een video die precies dat laat zien. Meta noemt het “een nieuwe manier om creativiteit te ontdekken via kunstmatige intelligentie”.
Volgens Meta’s eigen aankondiging is Vibes bedoeld om “de verbeelding van gebruikers tot leven te brengen”. Toch klinkt dat positiever dan de eerste reacties laten zien: veel gebruikers vinden het een eindeloze stroom aan kunstmatige content zonder ziel, context of menselijke emotie.
Waarom jongeren dit interessant vinden
Voor jongeren is Vibes aantrekkelijk omdat het snel, grappig en oneindig is. Je hoeft niets meer te filmen of te bewerken: je typt gewoon wat je wilt zien. Dat maakt het laagdrempelig én verslavend. De app lijkt bovendien speciaal ontworpen om aandacht vast te houden, iets wat we ook zien bij TikTok en Reels.
Toch zit daar ook een risico. Doordat de video’s zo echt lijken, vervaagt de grens tussen werkelijkheid en fantasie nog verder. Jongeren kunnen het moeilijker vinden om onderscheid te maken tussen echte beelden en AI-creaties. En dat kan invloed hebben op hun wereldbeeld, verwachtingen en zelfs zelfbeeld.
De gevaren van eindeloos AI-scrollen
Volgens Bright lijkt Vibes vooral een nieuwe manier om mensen zo lang mogelijk in de app te houden. En dat is precies wat sociale media zo effectief (en soms zorgwekkend) maakt. Hoe meer je kijkt, hoe beter het algoritme weet wat je leuk vindt en hoe moeilijker het wordt om te stoppen.
Wat ouders en leerkrachten kunnen doen
Ouders en docenten hoeven niet direct in paniek te raken, maar het is wel belangrijk om met jongeren over dit soort ontwikkelingen te praten. Vraag bijvoorbeeld wat ze vinden van AI-video’s en of ze kunnen zien dat iets nep is. Bespreek samen dat niet alles wat op hun scherm verschijnt, een afspiegeling van de werkelijkheid is.
Daarnaast helpt het om afspraken te maken over schermtijd en online gewoonten. Jongeren hoeven niet weg van technologie, maar ze hebben wel begeleiding nodig in hoe ze die bewust gebruiken.
Het team van Digiwijzer helpt scholen hierbij. Onze digicoaches geven interactieve lessen over thema’s als mediawijsheid, algoritmes, AI en kritisch denken. Zo leren leerlingen zelf nadenken over wat ze zien en hoe technologie hun gedrag beïnvloedt.


